BEROEPSKLEDIJ

Kosten voor kledij zijn in principe fiscaal niet aftrekbaar; tenzij het specifieke beroepskledij betreft.

Wordt beschouwd als specifieke beroepdskledij de kledij die bij het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid wordt gedragen, daaraan is aangepast en wegens de aard van de beroepswerkzaamheid verplicht, noodzakelijk of gebruikelijk is,

Schoolvoorbeelden zijn de toga van de advocaat of de witte jas van de geneesheer.

Zou een baljurk toch niet fiscaal aftrekbaar kunnen zijn wanneer deze bij het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid (als fotomodel, of danslerares) wordt gedragen, en wegens de aard van de beroepswerkzaamheid verplicht, noodzakelijk of gebruikelijk is.

Hoewel een fotomodel of een danslerares bij de uitoefening van haar beroep noodzakelijkerwijs gekleed gaat in een baljurk is deze toch niet fiscaal aftrekbaar omdat de kosten van de kledij die in het privé-leven doorgaans als stads-, avond-, ceremonie-, reis- of vrijetijdskledij wordt aangemerkt als zodanig niet wordt beschouwd als een aftrekbare beroepskost.

Bedrijfsleiders, bestuurders, kaderleden, bedienden, ambtenaren, beoefenaars van vrije beroepen enz. kunnen hun kosten voor stadskledij (pak, hemd, das, kousen, schoenen, hoed, mantel enz.) dus niet aftrekken als beroepskosten.

Hetzelfde geldt voor jeans, windjakken, trainingspakken, t-shirts, sportschoenen enz. die (zelfs onder hun beschermende kledij) door werklieden of door bedienden, handelaars enz. gedragen worden.

Dezelfde regels gelden ook voor de kledij van vrouwelijke belastingplichtigen (jurken, mantelpakken, blouses, mantels, schoenen enz. die doorgaans ook als stads-, avond-, ceremonie-, reis- of vrijetijdskledij worden gedragen).

Nochtans bestaan er uitzonderingen op die regel. Zoals uit het antwoord op de volgende parlementaire vraag kan worden afgeleid.

Vraag nr. 549 van de heer de Clippele dd. 03.05.1993

Bull. nr. 731, pag. 2882

Mbt kledijkosten –

De hostessen dragen kledij die men ook als stadskledij zou kunnen beschouwen, zonder duurzaam aangebrachte referentie naar de vennootschap (enkel een afneembare badge). De uniformen worden echter nooit buiten de onderneming gedragen : de hostessen komen in hun normale kledij naar het werk, kleden zich om in het beursgebouw en laten het uniform achter wanneer zij naar huis terugkeren. Alle uniformen – ook de oude en de aangekochte testmodellen – worden op de beurs bewaard.

Zijn dergelijke kledijkosten als beroepskost aftrekbaar ?

ANTWOORD van de minister :

De bedoelde uniformen mogen, mits ze geen andere aanwending krijgen dan die die in de vraag gesteld is, als specifieke beroepskledij worden aangemerkt, zodat de kosten ervan integraal aftrekbaar zijn voor de onderneming.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *